Voel je fit met uw Personal Trainer ! | Johan Wildeboer
1149
page-template-default,page,page-id-1149,page-child,parent-pageid-1147,ajax_fade,page_not_loaded,,side_area_uncovered_from_content,qode-theme-ver-9.1.3,wpb-js-composer js-comp-ver-4.7.4,vc_responsive
 

Johan Wildeboer

Naam: Johan Wildeboer
Geboortedatum: 14-08-1974
Woonplaats: Alphen aan den Rijn
Werk: IT analist bij Johnson & Johnson
Sport: Handboogschieten, recurve W2

 

Gekwalificeerd tijdens:

de Papendal Archery Trials op het onderdeel recurve (maart 2012)
Wedstrijddata tijdens Spelen:30 augustus tot en met 3 september

Niets wilde Johan Wildeboer aan het toeval overlaten. Om zich te kwalificeren voor het handboogschieten voor de Paralympische Spelen, nam hij een personal coach en een mental coach in dienst. Daarnaast huurde hij deze winter een indooratletiekbaan. Zo kon hij ook in het winterseizoen op de Paralympische afstand van zeventig meter trainen. “Al die dingen betaalde ik uit eigen portemonnee. Ik had nog geen A-status, omdat ik nog niet zo lang aan boogschieten doe.”

Tien jaar geleden kreeg Wildeboer een motorongeluk. Sindsdien is hij vanaf het midden van zijn lichaam verlamd. Hij komt uit in de klasse W2. “Je hebt drie klassen bij het boogschieten. Je hebt staand, W1 en W2. W1 is de klasse met de sporters met de zwaarste handicap, W2-sporters met een iets lichtere handicap en staande sporters hebben de lichtste handicap. In mijn klasse zit iedereen in een rolstoel.”

Anderhalf jaar geleden kwam het handboogschieten toevallig op het pad van de uit Alphen aan den Rijn afkomstige Wildeboer. “Ik heb wel andere sporten gedaan, maar op amateurniveau. Alleen badminton ging erg goed, maar dat is geen Paralympische sport. Daar ben ik uiteindelijk mee gestopt en toen ik op een zondag niks te doen had, ben ik gaan kijken bij demonstratie van boogschieten. Ik mocht ook schieten en toevallig stond er iemand aan de kant die bij de kernploeg had gezeten. Hij zag potentie in mij en zo is het balletje gaan rollen.”

Ontwikkeling in een sneltreinvaart

Wildeboer deed een beginnerscursus in oktober 2010. Aan de hand van zijn goede prestaties mocht hij kijken bij een internationaal toernooi. Daarna mocht hij van de bondscoach aangepast sporten als stagiair met de kernploeg meetrainen. “En nu heb ik me gekwalificeerd voor de Paralympische Spelen, terwijl ik een half jaar geleden nog zo’n vijftig punten onder de limiet voor Londen zat. Dat kwam vooral doordat ik ander materiaal ging gebruiken. Ik had dus een verklaring voor de lage scores en wist dat het goed zou komen.”

Toch was het nog even onzeker of alles inderdaad wel goed zou komen. Een week voor de Papendal Trials, de kwalificatiewedstrijd voor de Paralympische Spelen, werd de Alphenaar ziek. “Ik was nooit ziek. Af en toe een verkoudheidje, maar nu lag ik echt een week plat. Twee dagen voor de wedstrijd kon ik voor het eerst weer wat eten. Ook de ochtend voor de Trials verliep niet vlekkeloos, dus ik ging echt zonder verwachtingen die wedstrijd in. Ik zou die tweede kans wel pakken, dacht ik bij mezelf.”

Persoonlijk record

Dat hoefde niet, want tijdens de Papendal Trials kwam hij tot een nieuw persoonlijk record van 620 punten. Ruim boven de limiet. “Dat persoonlijke record was echt behoorlijk verrassend. Ik had het helemaal niet verwacht, maar zo zie je dat een wedstrijd zonder verwachtingen soms beter gaat.”

Ook in de tweede wedstrijd van de Papendal Trials was Wildeboer de beste. Daardoor kwalificeerde hij zich voor de Paralympische Spelen. “Ik heb er alles aan gedaan om naar de Spelen te gaan. Ik heb niks aan het toeval overgelaten. Ik heb mensen ingeschakeld om mij te helpen mijn prestaties te verbeteren. Ik ben met grote sprongen vooruitgegaan. Heb in anderhalf jaar tijd wel twee bogen en vijf sets latten versleten, omdat ik steeds beter werd en dus ander materiaal nodig had.”

Op de Paralympische Spelen wil Wildeboer een gooi doen naar de medailles. “De limiet van NOC*NSF was vrij hoog, dus ik kan wel zeggen dat ik straks kans maak. Daar komt natuurlijk wel een beetje geluk bij kijken. Het is toch een andere wedstrijd. Na de voorrondes, zijn er alleen nog maar eliminatierondes. Het kan dus zijn dat ik in de eerste eliminatieronde gelijk een top drie speler tegenkom. Als ik dan een dipje heb, kan het snel afgelopen zijn.”

Planning is het sleutelwoord

Om een dipje te voorkomen, is een goede planning belangrijk. Iets wat Wildeboer heeft meegenomen uit de eerste ‘Ready Steady Go-meeting’ van NOC*NSF. “Daar kwamen alle potentiële sporters voor de Paralympische Spelen bij elkaar. Olympisch kampioen Maarten van der Weijden vertelde daar zijn verhaal en stelde de vraag: “Is succes maakbaar?” Die vraag heb ik mee naar huis genomen. Succes hangt namelijk voor een groot deel af van een goede planning. Als je altijd een back-up plan hebt, dan zorgt dat voor veel minder stress als er straks iets niet volgens plan gaat.”

Zo heeft Wildeboer tijdens de Museumnacht in Amsterdam een wereldrecordpoging gloeilampen schieten gedaan. Vooral om te leren hoe het is om met druk om te gaan. “Dat was in het Olympisch Stadion. In het donker, met mensen op de tribunes, de pers was aanwezig en ik moest dat wereldrecord voor het Guiness Book of Records gaan schieten. Dat brengt toch aardig wat druk met zich mee. We hebben het record wel verbroken. Met één gloeilamp meer.”

Die ervaring moet helpen bij de Paralympische missie van Wildeboer. “Mijn doelstellingen worden elke keer weer bijgesteld door de stappen die ik maak, maar nu wil ik wel voor een medaille gaan. Mijn mental coach helpt me daar ook heel erg bij. Ik merk dat de hulp van een mental coach soms nog wordt onderschat. Sporters gaan pas naar een mental coach als ze een probleem hebben. Maar voorkomen is beter dan genezen. Ik wil straks in Londen niks aan het toeval overlaten. Het is nu of nooit.”